Submenu:
Kabinet-Colijn III (1935-1937) - Hoofdinhoud

Dit kabinet is een voortzetting in iets gewijzigde samenstelling van het tweede kabinet-Colijn. De aanduiding Colijn III is feitelijk onjuist. Met name Colijn wilde na het conflict met de Katholieke Kamerfractie echter benadrukken dat er een nieuw kabinet was gevormd. De financieel-economische problemen blijven centraal staan. In 1936 besluit het kabinet alsnog tot devaluatie van de gulden.
Het kabinet krijgt in toenemende mate te maken met de internationale spanningen, die door met name het optreden van de NSB ook in eigen land zijn weerslag krijgen.
De ministers zijn afkomstig uit RKSP, ARP, CHU, VDB en Vrijheidsbond, en er is één partijloze minister. Het kabinet hervat na de kabinetscrisis op 31 juli 1935 de werkzaamheden en wordt op de verkiezingsdag, 25 mei 1937, demissionair. Op 24 juli treedt het opvolgende vierde kabinet-Colijn aan.
Inhoudsopgave van deze pagina:
-
-Het kabinet verbiedt via een aparte wet paramilitaire organisaties, zoals de WA (Weer Afdeling) van de NSB.
-
-In de internationale politiek vragen de annexatie van Abbesinië (Ethiopië), de bezetting van het Rijnland door Duitsland, en de Spaanse burgeroorlog aandacht. Het zijn alledrie uitingen van toenemende agressie en spanningen.
-
-Na de bezetting van het Rijnland in maart 1936 besluit het kabinet de winterlichting van het leger onder de wapenen te houden. De minister-president maant hierop op vaderlijke toon via de radio de bevolking net zo rustig te gaan slapen, als men andere nachten deed.
-
-Om versterking van het leger mogelijk te maken wordt een Defensiefonds ingesteld.
-
-Eind 1936 verleent de Staten-Generaal toestemming voor het huwelijk van kroonprinses Juliana met de Duitser Bernhard von Lippe-Biesterfeld. Het huwelijk vindt in januari 1937 plaats.
-
-De minister van Binnenlandse Zaken neemt een Grondwetsherziening ter hand. Die moet het onder meer mogelijk maken Kamerleden met een revolutionaire gezindheid uit het parlement te weren. Dit voorstel zal het uiteindelijk echter niet halen. Wel wordt de mogelijkheid gecreëerd om ministers zonder portefeuille te benoemen.
minister: Jhr.Mr. A.C.D. de Graeff (lib.-partijloos)
Justitie
minister: Mr. J.R.H. van Schaik (rksp)
Binnenlandse Zaken
minister: Mr. J.A. de Wilde (arp)
Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen
minister: Dr. J.R. Slotemaker de Bruïne (chu)
Financiën
minister: Mr. P.J. Oud (vdb)
Defensie
minister: Dr.Mr. L.N. Deckers (rksp) (31 juli 1935 - 2 september 1935)
minister a.i.: Dr. H. Colijn (arp) (2 september 1935 - 24 juni 1937)
Waterstaat
minister: Jhr.Ir. O.C.A. van Lidth de Jeude (lsp)
Economische Zaken
minister: Dr. H.C.J.H. Gelissen (rksp)
Landbouw en Visserij
minister: Dr.Mr. L.N. Deckers (rksp) (2 september 1935 - 24 juni 1937)
Sociale Zaken
minister: Mr. M. Slingenberg (vdb)
Koloniën
minister: Dr. H. Colijn (arp)
Na de kabinetscrisis wordt RKSP-fractievoorzitter Aalberse belast met de formatie van een parlementair kabinet. Hij kan voor de uitvoering van deze opdracht echter alleen steun vinden bij de sociaaldemocraten, omdat de VDB vasthoudt aan het financieel-economische beleid van het vorige kabinet. Voor dat kabinetsbeleid is VDB'er Oud als minister van Financiën één van de hoofdverantwoordelijken.
Na deze mislukte formatie vormt de minister-president een nieuw kabinet met dezelfde politieke basis als het aftredende kabinet. Er zijn alleen personele wijzigingen. Zo gaat Slotemaker de Bruïne over van Sociale Zaken naar Onderwijs. Er komt verder een aparte minister voor Landbouw en Visserij.
Omdat de kandidaat voor Defensie, het RKSP-Kamerlid Goseling, een benoeming weigert, neemt minister-president en minister van Koloniën Colijn tevens de leiding van dit departement op zich.
| Tweede Kamer tot 8 juni 1937 | Tweede Kamer vanaf 8 juni 1937 | Eerste Kamer tot 13 september 1935 | Eerste Kamer van 15 september 1935 tot 8 juni 1937 | Eerste Kamer vanaf 8 juni 1937 | ministerraad | |
|---|---|---|---|---|---|---|
| RKSP | 28 | 31 | 16 | 16 | - | 4 |
| ARP | 14 | 17 | 6 | 6 | 7 | 2 |
| CHU | 10 | 8 | 7 | 7 | 6 | 1 |
| Vrijheidsbond | 7 | 4 | 6 | 5 | - | 1 |
| VDB | 6 | 6 | 4 | 3 | - | 2 |
| partijloos | - | - | - | - | - | 1 |
| totaal |
65 (65%) |
66 (66%) |
39 (78%) |
37 (74%) |
13 (26%) |
| datum | wat | wie | tot en met | dagen |
| 26 juli 1935 | benoeming (in)formateur | P.J.M. Aalberse | 27 juli 1935 | 2 |
| 29 juli 1935 | benoeming (in)formateur | H. Colijn | 30 juli 1935 | 2 |
| 31 juli 1935 | beëdiging nieuwe bewindslieden | Koningin Wilhelmina | 24 mei 1937 | 664 |
| 25 mei 1937 | kabinet demissionair | 23 juni 1937 | 30 | |
| 24 juni 1937 | ontslag verleend | Koningin Wilhelmina |
